Monthly Archives

maart 2012

Ecologische innovaties in de bouwsector moeten meer aandacht krijgen in het onderwijs

By | Nieuws | No Comments

08 maart 2012 – Vlaams volksvertegenwoordigers Jean-Jacques De Gucht en Marleen Vanderpoorten vragen meer aandacht voor nieuwe technieken en ecologische alternatieven in het de diverse opleidingen van het secundair en hoger onderwijs.

De jaarlijkse bouwbeurs Batibouw draait op volle toeren. Wie op Batibouw rondloopt of wie bouwt of verbouwt kan er niet omheen: nog nooit als voorheen lag de nadruk zo sterk op het aspect duurzaamheid. Of het nu gaat over isolatie, verwarming, materiaalkeuze of energievoorziening, iedere tak binnen de bouwsector heeft wel een groen alternatief. En terecht, want onze ecologische voetafdruk moet dringend verkleinen. Ook vanuit de overheid wordt het kiezen voor duurzame oplossingen aangemoedigd. Dit neemt echter niet weg dat de meerkost gemakkelijk kan oplopen tot 20% van het totale bouwbudget. Maar er is meer, ook de Europese Unie stelt op termijn strenge normen. Zo zal vanaf 2020 iedere nieuwe woning passief zo goed als neutraal moeten zijn. En natuurlijk mogen we ook het rendement op termijn van dergelijke investeringen niet vergeten.

Maar deze innovaties zijn natuurlijk geen alleenstaand gegeven. Meer dan ooit moet men zich laten bijstaan door experts ter zake. En net daar kennen we een tekortkoming in ons huidig onderwijs: er is te weinig aandacht voor nieuwe technieken en ecologische alternatieven in de diverse opleidingen.

Vlaams volksvertegenwoordiger Jean-Jacques De Gucht vraagt daarom aan de Vlaamse Regering om hier de nodige aandacht aan te besteden. Jean-Jacques De Gucht: “het gaat om een brede waaier van opleidingen en curricula die links en rechts met deze materie worden geconfronteerd. Zo heb je de technische opleidingen op secundair niveau, maar je hebt ook heel wat opleidingen op hoger onderwijsniveau. We denken aan burgerlijk ingenieurs, burgerlijk ingenieurs-architecten, industriële ingenieurs of binnenhuis- of tuinarchitecten. Op het niveau van de hogescholen en universiteiten moet niet alleen aandacht besteed worden aan ecologische alternatieven tijdens de opleiding, het zijn ook net die plaatsen waar aan onderzoek en ontwikkeling kan gedaan worden in samenwerking met en vaak op vraag van de bedrijfswereld.“

Gewezen minister van Onderwijs, Marleen Vanderpoorten, benadrukt dat in deze context meer ruimte en aandacht moet besteed worden aan stages voor zowel leerlingen als leraren in opleiding.

Op donderdag 15 maart 2012 zal de Commissie Onderwijs in het Vlaams Parlement zich buigen over het voorstel van resolutie betreffende de noodzaak van meer aandacht in het onderwijs voor ‘groene’ innovaties en technieken in de bouwsector.

01/03/2012 – Lerarenloopbaandebat komt er wellicht nooit

By | Nieuws | No Comments

De Vlaamse regering heeft beslist om de TBS regeling voor leraren uitdovend te maken.
Leraren zullen dus langer moeten werken. Een logische beslissing, die ook te verwachten viel. De manier waarop de minister is te werk gegaan bij de voorbereiding van de beslissing is echter verrassend.

De beslissing van de federale collega’s om de pensioenleeftijd op te trekken van 60 tot 62 had grote gevolgen voor de betaalbaarheid van de bestaande TBS-regeling. Maar vooral het dreigende lerarentekort maakte het ongeoorloofd om onderwijzend personeel nog op 58 jaar te laten uitstappen.

In het Vlaams Parlement had de minister reeds lang te kennen gegeven dat deze onderwerpen pasten in het lerarenloopbaandebat “zonder taboes”, dat o.a met de vakbonden werd opgestart. Spijtig genoeg heeft dit debat met de vakbonden nog tot geen enkel resultaat geleid. Het gevolg hiervan is dat er één geïsoleerde beslissing genomen is zonder flankerende maatregelen voor oudere leerkrachten en zonder maatregelen voor de broodnodige herwaardering van het beroep van leraar.

De TBS is ingevoerd als voorlopige maatregel in het begin van de jaren ’80, toen er leraren te veel waren. Bedoeling was om oudere leraren te stimuleren om plaats te maken voor jongeren. In de paars-groene regering-Dewael heb ikzelf als minister van Onderwijs, de regeling ter discussie gesteld. De arbeidsmarktrapporten van het departement Onderwijs maakten duidelijk dat er een lerarentekort dreigde dat vanaf 2001 alarmerende vormen zou aannemen. Het was dus hoge tijd om een tijdelijke en anachronistische regeling te wijzigen.
Na veel discussies met de vakbonden en felle acties werd de uitstapleeftijd opgetrokken tot 56 jaar voor kleuteronderwijzers en tot 58 voor de rest van het onderwijzend personeel, mét een overgangsregeling en een reductie van het wachtgeld voor al wie in die periode tussen 50 en 55 jaar was. De afspraak met de vakbonden was dat er na uitgebreid overleg in de volgende legislatuur een vervolg  zou komen op deze nieuwe regeling die ook het hele eindeloopbaandebat zou omvatten. Deze afspraak is echter nooit uitgevoerd.

De voorbije jaren kondigde zich, mede door de demografische groei en een dalende instroom in de lerarenopleidingen, opnieuw een heel groot lerarentekort aan. Sowieso tijd dus om ons over de vervroegde uitstap te bezinnen én over het wachtgeld dat vervroegde uitstappers desgevallend ontvangen. Nu bedraagt dat 70 % van het loon dat leraars ontvangen door fulltime te werken. De aantrekkelijkheid van het systeem is dus heel groot.

De beslissing op federaal niveau om de (vervroegde) pensioenleeftijd op te trekken tot 62 jaar betekende dat als de TBS-regeling op 58 zou blijven, deze vier jaar zou duren, wat de Vlaamse overheid meer dan 200 miljoen zou kosten (ongeveer 430 miljoen euro i.p.v. de huidige 215 miljoen).
Dit zou onverantwoordelijk zijn in budgettair krappe tijden, maar vooral in tijden van een groot lerarentekort.

Goed en kwaliteitsvol onderwijs staat of valt met goede leerkrachten. Als die niet voorhanden zijn, wordt de situatie dramatisch.
Een reeks maatregelen drong zich daarom al een tijdje op. De TBS-regeling, regeling én wachtgeld, op heel korte termijn herbekijken was er daar één van. Maar er was en is veel meer nodig. Meer studenten naar de lerarenopleiding krijgen bijvoorbeeld, het beroep van leraar aantrekkelijker maken, ook voor mannen, verhinderen dat jonge leraren te snel het beroep de rug toekeren, de overstap vanuit andere beroepen stimuleren, de job van directeur attractiever en beter betaald maken, oudere leerkrachten inzetten voor andere functies …
Het moeten opnieuw de beste studenten zijn die kiezen voor een onderwijsloopbaan die carrièremogelijkheden inhoudt. Jongeren opleiden, begeleiden en opvoeden is een zeer uitdagende opdracht in de snel evoluerende en complexe samenleving van vandaag. Kiezen voor het beroep van leraar mag geen tweede of zelfs derde keuze zijn zoals nu al te vaak het geval is. De overheid moet zorgen voor een aantrekkelijk kader waardoor kiezen voor onderwijs een opportuniteit wordt. Dat is tot nu toe niet gebeurd.

Wantwat deed minister Smet intussen? Hij kondigde sinds 2 jaar een debat aan dat er nu wellicht nooit meer komt.
Met het vooruitzicht van de uitdoving van de TBS-regeling had de minister snel werk moeten maken van dringende maatregelen om het lerarenberoep aantrekkelijker te maken, om meer jongeren naar een onderwijsloopbaan te krijgen.

Met deze éénzijdige maatregelen is de kans groot dat het beroep onaantrekkelijker wordt, want positieve, stimulerende maatregelen blijven uit, er moet alleen langer gewerkt worden.
Dit is een dramatische wending voor een aangekondigd debat waar veel werd van verwacht maar waarin veel te veel gedraald werd.

Pascal Smet heeft een historische kans gemist om de toekomst van ons kwaliteitsvol onderwijs en van alle jongeren te verzekeren van voldoende uitstekende leraren.

Marleen Vanderpoorten