• 13 januari 2015 – L!union fait la force!

     

    Na dagen van spanning en een bijwijlen heuse oorlogssfeer, was de aanblik van tientallen eensgezinde regeringsleiders in de optocht zondag in Parijs, een hart onder de riem, een geweldige opsteker!

     

    Weinigen zullen getwijfeld hebben aan de goede bedoelingen van de regeringsleiders en van hen die deelnamen aan de mars, of die, vanuit hun thuishaven, de gebeurtenissen in de Franse hoofdstad volgden en voortdurend ” je suis Charlie” prevelden.

    Zelf bedacht ik dat we zulke signalen van eensgezindheid veel te weinig krijgen. Terwijl dit juist zo’n deugd doet!
    Het ging vorige week om uitzonderlijk dramatische toestanden in Frankrijk met een uitzonderlijk pijnlijke aanval op zowat het hoogst verworven goed in onze democratische rechtsstaat: het recht op vrije meningsuiting.

    En ook al kan men twijfelen aan de zin en aan de goede bedoelingen van provocerende cartoons: geweld is nooit aanvaardbaar! Nooit!

    Een grote optocht met 1,5 miljoen deelnemers en tientallen regeringsleiders van over de hele wereld, arm in arm, achter de mooiste woorden die er zijn: ” vrijheid, gelijkheid, broederlijkheid ” , was het enige antwoord dat kon gegeven worden. Sereen en krachtig. Een volwassen democratische samenleving waardig.

    Ik begrijp niet waarom politici er niet vaker voor kiezen in hun debatten niet alleen hun verschillen in visies maar ook hun eensgezinde standpunten te benadrukken.
    Ik erger mij soms mateloos aan het gekrakeel in politieke vergaderingen, vooral in het parlement. Meer in de Kamer dan in het Vlaams parlement wordt het vaak als een teken van krachtige oppositie gezien als er luid gefoeterd wordt op elkaar, zelfs geroepen en gescholden.

    In de vorige legislatuur klonk het verwijt van onze eigen partij naar haar fractie in het Vlaams parlement dat er te braaf aan oppositie werd gedaan.  Te braaf? Te constructief zou een veel beter woord zijn geweest, denk ik. Volgens mij is het toch daar waar politiek om draait, zonder naïef te zijn: voorstellen doen en overleggen over hoe problemen opgelost kunnen worden, zelfs al zit men niet in de meerderheid.
    Kritiek leveren, dat ook. Maar altijd op een beschaafde manier met alternatieve voorstellen in de achterzak.

    “Politiek is maar al te vaak een voortzetting van een oorlog met verbale middelen”, las ik vorig weekend in een gezaghebbende krant. En net dat citaat kwam mij vorige zondag duidelijk voor de geest toen ik de regeringsleiders arm in arm zag opstappen. Meer constructieve debatten over de partijgrenzen heen, met altijd heel veel respect voor elkaars mening, zou het vertrouwen van de burgers in haar politici zeker doen toenemen. Hoe kan men respect voor de politiek afdwingen als politici elkaar vaak zo weinig respectvol benaderen?

    Vaker arm in arm opstappen, op alle niveaus, overal in de wereld: het zou ons allemaal deugd doen!

     

    Marleen Vanderpoorten