-
1 juni 2013 – consequent handelen
De vorige weken stond het debat over het toelaten tot dragen van levensbeschouwelijke symbolen en de daarmee gepaard gaande discussie over neutraliteit opnieuw centraal op tal van politieke fora.
Deze week werden in het Vlaams Parlement vragen gesteld over de houding terzake van de Vlaamse regeringspartijen. Ook in veel gemeenteraden kwam het item aan bod. Zo ook in Lier. Al was het thema reeds in de vorige legislatuur getrancheerd in de zin van een verbod tot het dragen van uiterlijke kentekens van levensbeschouwing voor loketbedienden. Dit standpunt werd deze week in de gemeenteraad bevestigd en verduidelijkt door een striktere definiëring van het begrip “loketbediende” en een bijhorende algemene dresscode.
Daarmee staat Lier op de lijn die Open Vld ook nationaal volgt. De talrijke discussies ook binnen de meeste partijen zelf, geven aan dat dit gevoelige thema vaak op basis van pragmatiek wordt benaderd en zeker niet altijd ideologisch geïnspireerd is. Het is daarom beter dat hierover vanuit de hogere overheid een algemene richtlijn zou worden gegeven aan alle lokale besturen.
Tijdens het debat in de Lierse gemeenteraad viel het mij ook op dat heel wat “believers” van het toelaten van levensbeschouwelijke symbolen in alle omstandigheden, een debat voor de schone schijn voeren. Als verkozenen des volks uitgesproken pleiten voor respect voor een diverse en warme maatschappij, vind ik dit zeer lovenswaardig. Maar ik vind het tegelijkertijd logisch dat iedereen, ook deze believers, hun kinderen zeer jong zouden moeten laten wennen aan deze diverse maatschappij. Dat kan door meer aandacht te schenken aan diverse en multiculturele scholen bijvoorbeeld. Laat dit nu net in Lier een groot probleem zijn. “Wit” lijkt ook in mijn stad voor velen nog steeds gelijk te staan met “kwaliteit”. (Denk maar aan de wachtrijen voor 1 school terwijl er in Lier helemaal geen capaciteitsprobleem is).
Misschien moeten de pleitbezorgers voor het dragen van een hoofddoek ook daarover hun licht eens laten schijnen, en zich afvragen waarom dit onderwerp van hen geen aandacht krijgt.
Marleen Vanderpoorten
